Na een whipple operatie

Na de klassieke Whipple operatie (zie Whipple operatie) kunnen problemen met eten ontstaan. Direct na de ingreep mag iemand pas weer eten, als de darmen weer activiteit vertonen (ongeveer twee dagen tot een week na de operatie). U krijgt eerst heldere vloeistoffen te drinken, daarna geleidelijk aan wat zwaardere vloeistoffen zoals pudding. Langzaam krijgt u daarna vast voedsel. Hoe snel dat gaat, wisselt per patiënt.

Heel soms zijn de problemen na een Whipple van tijdelijke aard, maar vaak zijn ze blijvend. U kunt, doordat een deel van het spijsverteringskanaal is verwijderd, last hebben van een verstoorde spijsvertering. Veel mensen hebben moeite met zoet eten na een Whipple. Ook te vet en gefrituurd eten wordt afgeraden. Bij Whipple is geen aangepast dieet noodzakelijk. Wel is het belangrijk om het eten te verdelen over meerdere maaltijden (5 a 6 om de 3 uur), zodat u geen opgeblazen gevoel krijgt. Tussen de maaltijden kunnen meer snacks gegeten worden. Bij een Whipple operatie verliest een patiënt ongeveer 5% tot 10% van het lichaamsgewicht. Het is dus belangrijk om eiwitrijk te eten. Denk daarbij aan kip, kaas, eieren, vis en vlees. Bovendien is het belangrijk om elke dag fruit te eten.

Bronnen | KWF


Terug naar omgaan met voeding